Ga naar de inhoud

Verdoving bij de tandarts

verdoving bij tandarts

Een tandartsbehandeling: eigenlijk zit er niemand om te springen. Maar gelukkig hoeven tandartsbehandelingen tegenwoordig niet meer pijnlijk te zijn. Bij de meeste (pijnlijke) behandelingen kan de tandarts u een verdoving geven. Op die manier wordt de behandeling pijnloos en voelt u zich comfortabel en op zijn/haar gemak. Een bijkomend voordeel voor de tandarts is dat hij zijn werk in alle rust kan doen zonder het risico van een schrik- of pijnreactie van de patiënt.

Wanneer is een verdoving nodig?

Bij sommige behandelingen door de tandarts is een verdoving noodzakelijk. Denk aan behandelingen als het trekken van tanden of kiezen, een wortelkanaalbehandeling of het aanleggen van een kroon. Deze behandelingen zijn simpelweg te pijnlijk voor een patiënt om zonder verdoving uit te voeren. Er zijn ook behandelingen waarbij de patiënt zelf de keuze kan maken om al dan niet een verdoving te nemen. De behandeling van een gaatje is daar een voorbeeld van. Sommige patiënten kiezen ervoor om deze behandeling zonder verdoving te laten uitvoeren. Zij hebben naar eigen zeggen meer last van de verdoving dan van het boren en vullen zelf.

Hoe werkt een verdoving eigenlijk?

Een verdoving wordt aangebracht door middel van een injectie. Deze injectie bestaat uit een vaatvernauwende en zenuwblokkerende vloeistof, die rechtstreeks in de zenuw van de te behandelen zenuw of tand aangebracht wordt. De verdoving zorgt ervoor dat de patiënt geen pijn meer ervaart. De zenuw wordt als het ware tijdelijk uitgeschakeld. Om de pijn van deze injectie (‘de prik’) te verzachten wordt in sommige gevallen eerst een oppervlakkige verdoving van het slijmvlies aangebracht. De verdoving bij de tandarts is altijd lokaal, dus alleen bij de te behandelen tand, kies of deel van het tandvlees. Soms kunnen omringende delen ook wat gevoelloos worden, zoals lippen, neus, kin of wangen.

Hoe lang duurt een verdoving?

Een verdoving begint meestal een tot enkele uren na de behandeling uit te werken. Ook de gevoelloosheid van de omringende delen wordt dan minder. Afhankelijk van de behandeling kan er dan langzaamaan wat pijn ontstaan. Deze pijn kan bestreden worden met pijnstillers. Welke pijnstillers geschikt zijn kun je met de tandarts bespreken.

Wat moet ik doen na een verdoving?

Omdat je door de verdoving totale gevoelloosheid ervaart is het belangrijk om een aantal zaken in acht te nemen totdat de verdoving volledig is uitgewerkt. Tijdens het eten is het van belang dat je heel voorzichtig kauwt. Als je namelijk op je tong of wang bijt, volgt er geen pijnprikkel. Dat kan tot gevolg hebben dat je je wang kapot bijt zonder het zelf in de gaten te hebben. Ook het eten en drinken van warme etenswaren en dranken brengt een risico met zich mee zolang de verdoving nog niet is uitgewerkt. Je kunt je mond verbranden zonder dat je het voelt. Een onschuldige maar in sommige gevallen vervelende bijkomstigheid van een verdoving is dat de kans bestaat dat je gaat kwijlen. Dit kun je gelukkig gemakkelijk verhelpen door een doekje bij de hand te houden.

1 reactie op “Verdoving bij de tandarts”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *